Follow by Email

maandag 17 juni 2019

Kunst in het landschap

Al een tijdje voel ik me ongemakkelijk over de rol van de kunst in onze leefomgeving. Het feit dat kunstwerken te pas en te onpas in de openbare ruimte worden neergezet baart me zorgen. Waarom eigenlijk? Ik ben zelf immers beeldend kunstenaar, dus zou ik dit toch moeten toejuichen; hoe meer kunst hoe beter!?
Tijdens de Lange Juni maand is er van alles gaande op het gebied van kunst en cultuur op Texel.
Veel mensen zijn hierbij betrokken en stoppen er heel veel energie in om het te laten slagen. Er wordt gestreefd naar diversiteit, zodat er voor iedereen wat te beleven valt.
Tegelijkertijd is er de discussie over een enorm grote hand die op een prominente plaats zou moeten komen op het eiland. Voor- en tegenstanders spuien hun mening op de sociale media.
Als beeldend kunstenaar ben ik natuurlijk voor een wereld waarin kunst een belangrijke rol speelt. Immers zonder welke vorm van kunst ook zou de wereld maar saai en grauw zijn. In onze vrije wereld krijgen gelukkig heel veel kunstenaars de mogelijkheid zich te uiten en kun je als toeschouwer of luisteraar je hersenen aan de praat houden door je te laten verbazen, verleiden en choqueren om uiteindelijk ook meer te weten te komen over jezelf. Kunst legt accenten op plekken die er toe doen. Kunst vertelt het verhaal over schoonheid. Kunst laat je kijken. Kunst kan troost bieden.
Naar kunst kijken en bijvoorbeeld een kunstroute afleggen is alleen leuk als je vrij bent van primaire zorgen; zit je in een scheiding, ben je ernstig ziek of heb je andere grote problemen, dan kan het kijken naar kunst een fijne afleiding zijn, maar het kan ook agressie opwekken.
Het lijkt erop dat kunst steeds meer een nieuwe religie wordt. Ik ben van mening dat je daar dus niet voorzichtig genoeg mee kunt zijn. Immers, er is uit naam van religie al genoeg ellende geboren. Bescheidenheid is hier dan ook zeker op zijn plaats. Kunst is, net als religie, heel persoonlijk. Dring je kunst op, dan kan dit een totaal averechts effect hebben. Mensen gaan zich verzetten en willen met 'die linkse elite' niets meer te maken hebben.
Net als kunst ervaart iedereen de natuur, in dit geval die van Texel, op zijn eigen manier.
Dat er nu tijdelijk kunstwerken op het eiland te zien zijn die misschien niet helemaal naar je smaak zijn is goed voor de discussie; het laat je nadenken over de balans tussen landschap en kunst. Sterker nog, de kunst die er nu staat heeft direct te maken met de natuur, dus als je ervoor open staat kun je er wat van opsteken en je laten verwonderen. Wat is daar mis mee, zou je denken?
Als het gaat om tijdelijk werk, al of niet jouw smaak, kan het geen kwaad denk ik; immers je hersenen af en toe pijnigen over iets waarin mensen geloven, ook al is dat niet jouw geloof, lijkt me een bittere noodzaak voor een gezonde geest.
Moeilijker wordt het als het om een permanent kunstwerk gaat van een onbescheiden omvang dat als een visitekaartje voor heel Texel geldt. Hiermee dringen de kunstfetisjisten zich op aan mensen met een ander 'geloof' en dat moeten we niet willen. Het landschap heeft een natuurlijke schoonheid en als een plek een natuurlijke schoonheid heeft, moet je er dan wel permanent een kunstwerk inzetten?
Er zijn mensen die mijn werk prachtig vinden, maar er zijn er ook genoeg die er niet gecharmeerd van zijn. Ik zou niet willen dat mijn werk zou worden opgedrongen aan de natuur en ook niet aan de mensen die het niets vinden. Er moet draagvlak zijn.
Kunst is prima, maar niet altijd en overal.
Ik zou me prettiger voelen als we met meer respect voor de natuur en voor andersdenkenden ons bezig zouden houden met kunst. Kunst moet, maar graag in alle bescheidenheid.


Henry Moore
at Perry Green

.

zaterdag 1 juni 2019

Kamer zonder ontbijt

Tijdens het ontbijt word ik opgeschrikt door twee keer snel achter elkaar een bons tegen het raam van de tuindeur. Nadere inspectie wijst uit dat er een rank vogeltje met een lichte keelvlek  tegen de ruit is gevlogen en nu verschrikt op de bloempot zit met gespreide vleugels. Een jonge gierzwaluw! Meteen voel ik een Wolkersmomentje opkomen. Ik wil hem redden, in een doosje doen en dan dikke insecten voeren, dikke vrienden met hem worden en dan uitzwaaien als hij er klaar voor is. Maar onlangs, toen ik een jonge Kauw tegenkwam, die ineens voor mijn voeten zat, besloot ik dat Wolkersgevoel te negeren uit angst voor mijn onhandigheid met het tere beestje.
Met een knagend geweten vervolgde ik toen mijn weg en passeerde daarbij ook nog een aantal katten op avontuur. Thuisgekomen kwam er stom toevallig op Facebook een bericht van Ecomare voorbij dat je jonge gestrande vogels met rust moet laten omdat de ouders een oogje in het zeil houden en dat, als jij het arme beestje meeneemt, je een gezin in het onheil stort. Een hele opluchting. Ik had juist gehandeld.
Ik laat nu de kleine gierzwaluw dus maar even met rust. Na een paar minuten zie ik vanuit mijn ooghoek iets donkers opvliegen en naar links afbuigen. Ik ga naar buiten om te kijken waar hij is gebleven en zie op de grond bij de stenen pot nóg een jonge gierzwaluw. Vanuit de serre zie je hem ook door het lage raam. Hij kijkt met heldere oogjes nieuwsgierig naar binnen.
Ik zorg ervoor dat de hond niet naar het kleine vogeltje kan en het de stuipen op het lijf jaagt. Wat later blijkt ineens dat ook deze neergestorte ziel toch zijn weg heeft gevonden, want ook achter de andere potten zit hij niet meer.
In de lucht hoor ik de rest van de dag het scherpe hoge ge'gier' van de zwaluwen en zie ze door de lucht rond de kerk scheren. Ieder jaar weer vanuit Mali en Congo komen ze om een kamer te 'huren' onder de pannen van Burgwal 20. Op de grote zolder hoor ik dan gekras van pootjes, die druk in de weer zijn. Wat later het tsjilpen met hoge snerpende toon.
Vandaag zijn de jongen dus uitgevlogen. Nu het met de insecten niet goed gaat maak ik me zorgen of onze gasten nog wel voldoende voedsel kunnen vinden. Wij serveren geen ontbijt. Het is ook nogal arbeidsintensief om al die insectjes te vangen en aan een draadje of prikkertje aan te bieden. Bovendien stellen ze nogal prijs op hun privacy.
Onze gastvrijheid bestaat dan ook louter uit het faciliteren van de kamer, het zaaien van bloemenzaad en het plaatsen van een insectenhotel om de insectenpopulatie weer een boost te geven.
In Juli -Augustus checken onze vrienden alweer uit. Naar ik hoop met een tevreden gevoel en een volle maag.


vrijdag 24 mei 2019

Rien en Paula

Terwijl wij nog aan het ontbijt zitten horen we Rien en Paula, onze gasten van de Museumkamer, al druk heen en weer lopen. Na vier nachten zijn ze klaar om uit te checken. Het was gezellig met ze; we weten nu dat ze drie dochters hebben en acht kleinkinderen. Dat één van hen met een Marokkaan is getrouwd, vandaar dat Paula nog even een kiekje van de Marokkaanse deur van de afdeling geometrie nam: "want die zal hij wel eens gezien hebben." Ook maakte Paula vroeger aquarellen, maar daar komt ze nu helaas niet meer aan toe. Rien is wat ouder dan Paula en is een gemoedelijke, kaalhoofdige man. Hij heeft genoten van alle bijzondere kunst in het museum. Terwijl de voorkeur van Paula meer uitging naar de objecten van hout viel hij meer op de vrolijke kleuren van de werken van gejut plastic. Omdat Paula dezelfde naam heeft als onze hond zorgde dit de afgelopen dagen nogal eens voor de nodige hilariteit.
Afijn, Rien is al eerder met de rolkoffers naar de auto gelopen en nu hoeven ze alleen nog wat handbagage mee te nemen en de fietsen. Ik vraag, zoals ik dat meestal doe aan de gasten, of ze niets vergeten zijn en geen opladers in het stopcontact hebben laten zitten? Nog een laatste check en daar gaan ze. Ze gaan eerst nog even verse Texelse asperges halen bij de boer en dan terug naar huis.
Nadat we ze hebben uitgezwaaid even nog een snelle inspectie van de kamer en wat blijkt als ik in het kastje onder de wasbak kijk: een lege plek daar waar de föhn hoort te liggen; de föhn is weg!
Dit kan geen opzet zijn. We hebben Rien en Paula leren kennen als open en eerlijke gasten. Nee, er moet hier sprake zijn van een vergissing.
Na overal te hebben gekeken zoek ik snel het telefoonnummer op. Aan de andere kant van de lijn hoor ik vaag stemmen, ik maak eruit op dat ze net de auto staan in te laden. Er is een hoop geruis op de lijn, de ontvangst is heel slecht. Maar dan ineens hoor ik luid en duidelijk even de stem van Paula: "Heb jij de föhn meegenomen?! Dat moet toch helemaal niet! Die is niet van ons!" 
En dan Rien: "Ja, weet ik veel!" Vanwege de slechte verbinding krijg ik geen contact en ik herhaal nog eens voor de zekerheid dat we de föhn missen en of ze hem langs kunnen brengen. Ik krijg geen antwoord en vertrouw er maar op dat het goed komt. 
Even later komt Paula buiten adem het museum in, gewapend met de föhn:
"Mannen", zegt ze lachend. "Het is maar goed dat we de boot niet hoeven te halen!" 

maandag 20 mei 2019

Konikpaarden in de Sluftervallei


Zondagmiddag gaan we heel optimistisch met de warme lentezon van gisteren nog in ons hoofd een wandeling door de Sluftervallei maken. Meteen als we uit de auto stappen waait er een straffe wind door onze haren en kleren. De zon heeft zich verscholen achter een waas van kleine druppeltjes. Met enige twijfel of het wel een goed idee is om onze tocht zonder jas toch voort te zetten lopen we richting opgang. 
Het is druk bij de vogelaarstribune. Je hebt hier dan ook een prachtig uitzicht en we zien rechts al meteen een Lepelaar vliegen. We lopen de trap af en gaan het hekje door. Uit respect voor de vogelaars die van boven op ons neer kijken loop ik met de hond niet vlak langs het water, waar twee Bergeenden dobberen, maar struin wat hogerop door het gras en vind meteen al een interessant plankje.
Een eindje achter ons staan paarden. Ze zijn nog ver weg, maar ze komen steeds dichterbij. Na wat jutten, foto's maken en links en rechts ons te hebben verwonderd over alles wat er groeit en bloeit vind ik het tijd worden de kudde te laten passeren. Wij gaan van het pad af en ik klim op een duin om te kijken waar de Konikpaarden heen gaan. De koude wind waait dwars door mijn vest.
Als ik een filmpje van de stoet en een passerende hardloopster heb gemaakt keer ik terug naar mijn lief en de hond die in de wind hun kampement hebben opgeslagen. Wijntje, chippie en wat druiven, maar van lekker chillen is geen sprake, want algauw wordt het ons te bar.
We lopen nu achter de kudde aan. Het zijn allemaal hengsten. Onder de indruk loop ik langs, gevolgd door vriend en hond. Er ligt veel paardenpoep op het pad. We vragen ons af of het voor deze prachtige vallei wel zo'n goed idee is om deze kudde hier te laten grazen. Verjagen ze de vogels niet? Eten ze geen bijzondere plantensoorten op? Vertrappen ze geen nesten? We maken ons toch al zorgen hoe er met de natuur wordt omgegaan en het zou toch niet zo zijn dat Staatsbosbeheer vette poen krijgt van de Oostvaardersplassen om het overschot aan paarden daar hier op te vangen ten koste van de natuur? Nee dat zal toch niet.
Een Duits echtpaar komt ons tegemoet en loopt met een grote boog om de troep paarden heen. Ze maken nog wel even een foto. Als we de Sluftervallei verlaten staat daar boven op het duin een groepje toeristen. We horen één van de mannen van de club zeggen: "Ik vraag het niet aan jou, maar aan de reisleider!" En we fantaseren even in het wilde weg wat er zoal speelt binnen het gezelschap.We lopen nu terug langs de andere kant van de duinenrij met rechts van ons de weilanden met schapen en lammetjes. Ineens ziet onze hond Paula een geweldig grote haas het fietspad overschieten. Ze is even in alle staten, maar al snel zien we de haas over het hoge duin verdwijnen. Ook maken we ons zorgen over een koe die sterk vermagerd, vel over been, op wankele poten staat te grazen.
Dan komen we bij wat stalletjes met eigen honing, zelfgemaakte aardbeienjam en verse aardbeien. Ik doe de nodige eurootjes in de gleuf van het geldbakje en we nemen plaats op de picknicktafel die perfect in de luwte staat. Inmiddels zijn we zo verkleumd dat de wijn in rap tempo naar binnen gaat. We zien een vreemd wezen die onze verse aardbeien probeert te pakken. Bij de grote boerderij aan het eind van de oprit scharrelen kippen en indrukwekkende hanen, een rode kat loopt in de verte naar de stal. Precies zoals het hoort te zijn. Wat ook indruk maakt is de geit in het weiland. We nemen even de tijd om de plek en de daarbij behorende dieren op ons in te laten werken.
Dan is het tijd om de stramme spieren weer eens in beweging te brengen. Mijn man is gewapend met een gejutte houten plank, als een schild voor de borst, om de gure wind en mistslierten tegen te houden. En alhoewel we nu zo snel mogelijk naar de auto willen kan ik het toch niet laten een foto van die felrode plantjes te maken. Het staat er overal vol mee. Fascinerend. Is het mos? 
In de auto is het behaaglijk warm. Al gauw ruik ik een paardenmestlucht vanaf de achterbank komen.
Paula!





woensdag 15 mei 2019

De nieuwe fietstas

Mamma is een paar dagen op Texel. Omdat we maar één fiets hebben, een barrel , maar goed genoeg voor de boodschappen iedere week, gaan we er vanmorgen eentje bij huren om samen een fietstocht te maken op deze prachtige lentedag. Ook wil ik van deze gelegenheid gebruik maken om maar eens nieuwe fietstassen aan te schaffen. De oude, ooit gekregen toen pappa er nog bij was, zit vol gaten door intensief gebruik. 
Bij de fietsenverhuurder heeft mamma al rap een mooie fiets met versnellingen en handremmen te pakken.
Een nieuwe fietstas wordt een grotere uitdaging want ik wil eigenlijk effen en onopvallend, maar als ik het rek zie met de rij tassen met fantasie prints vrees ik dat ik niet zal slagen.
Ik schuif met frisse tegenzin de tassen één voor één opzij; felle kleuren, bloemen, blokken en andere 'hippe' gekkigheid staan op de flappen. Bijna wil ik afhaken, tot mijn oog valt op een tas met een zebra print.
Overvallen door nostalgie en een gevoel van melancholie zeg ik mamma dat deze het moet worden en vraag ik haar of ze nog weet dat ik ooit zo'n broek en zo'n fiets had. Natuurlijk weet ze dat nog. Ze heeft nòg grijze haren van die tijd toen ze haar lieve dochter van net meisje zag veranderen in een vrolijke punker met rood haar.
Ik was een jaar of 24. Ik was allang getransformeerd van punkmeisje naar een ietwat kunstzinnige en alternatieve look. De broek paste daar nog steeds bij. Bij de zoektocht naar mijn ware ik hoorde ook de zelf-opgepimpte 'zebrafiets.'
Door mijn kersverse lief werd ik er in 1986 mee op de foto gezet. Ik was 24 jaar. We gingen net samenwonen in Utrecht.
Enkele jaren later, inmiddels waren we verhuisd naar Amersfoort, werd de fiets gestolen bij het station aldaar. De broek belandde later bij de kringloopwinkel.
Nu, volledig mezelf, ben ik blij met de nieuwe tas, al staat hij als een vlag op een modderschuit.


dinsdag 30 april 2019

In de etalage

Op het eerste oog lijken mijn wezens van gejutte materialen bizar en onwerkelijk, maar als je de 'echte', 'levende' wereld eens onder een loep legt is die altijd nog duizend maal wonderbaarlijker.
Wanneer de deuren van ons museum openstaan, vliegen de meest bijzondere creaties naar binnen.
Gisteren vond ik in de etalage een bij (althans ik denk dat het een bij is). De kleine roodharige lag met zijn pootjes omhoog. Dit was natuurlijk geen reclame voor de nieuwsgierig naar binnenkijkende toerist.
Na wat zoeken in de wondere wereld van het internet stuit ik op de Blinde bij (Eristalis tenax, voor de liefhebber). Maar ik twijfel nog. Toch moet hij blind geweest zijn, omdat hij duidelijk de uitgang niet heeft kunnen vinden. Waarschijnlijk is hij de hongerdood gestorven. Terwijl buiten de bloemen en bomen volop in bloei staan en de stuifmeelpollen het luchtruim vullen, vloog hij, niets vermoedend, de grote mensenwereld in met al hun gekkigheid en raakte daarbij hopeloos verstrikt in het labyrint dat etalage heet.
Ach arme, het gaat al zo slecht met de insecten.
Ik probeer hem op te pakken, wat nog best lastig is; ineens ervaar ik mijn doorsnee kleine handen als enorme kolenschoppen. Hij voelt vederlicht en lijkt uitgedroogd. Hoe lang lag hij daar al?
Eenmaal voor de camera krijg ik hem moeilijk scherp.
Verbaasd en strijdbaar kijkt hij in de lens.
"Waarom?!", lijkt hij te vragen.


vrijdag 12 april 2019

The Killing is killing

We zijn niet zo van die seriekijkers, maar af en toe, als we de schijtbalen van het programma-aanbod op de televisie hebben, wagen we het erop.
Zo ook afgelopen week. We besloten na enig overleg voor The Killing te gaan. 
De eerste avond waren we kritisch en we besloten na twee afleveringen dat het zo wel even genoeg was. De tweede avond nog maar eens een aflevering. Die eindigde met een dusdanige klifhanger dat we er toch nog eentje deden, en nog eentje. Dat ging net om op een nog redelijke tijd in bed te komen. 
The Killing heeft 20 afleveringen en vol goede moed lieten we de een na de andere intrige over ons heen komen tot we bij deel 15 waren aangeland. Nu we al zo ver waren was het onmogelijk geworden om af te haken. Wie had in Godsnaam die moord gepleegd? We werden constant op het verkeerde been gezet. Om ervan af te zijn besloten we aflevering 16 t/m 20 in één keer consumeren. Zo gezegd zo gedaan. Rond 17.00 uur, na sluitingstijd van ons museum en het uitlaten van de hond, installeren we ons met vieze chips en een biertje op de bank. Het binchwatchen kon beginnen. Nummer 16, nummer 17 en doorrrrr. We waren bijna bij de ontknoping!
Deel 18 en deel 19. Rond 23.00 uur zaten we klaar voor de finale en zouden we er eindelijk achter komen wie de moord op zijn geweten had. Met bloeddoorlopen ogen zaten we klaar voor aflevering 20. En gaandeweg, zittend op het puntje van de bank en met rode konen, kwamen we er langzaam achter hoe alles in elkaar zat en wie de boosdoener was. Tevreden doken we het bed in.

Vanmorgen werden we met vierkante ogen wakker en vroegen ons af of seriekijken wel goed is voor je geest. We waren nog steeds uit ons doen tijdens het verlate ontbijt en hadden het gevoel weer te moeten landen in het echte leven.
Het museum opende zijn deuren en aan het eind van de ochtend kwam er een stel binnen. We raakten aan de praat over de kunstwerken. Een man met een buikje, een goeierd met een houthakkershemd, en zijn vrouw met lang golvend haar in een staart. 
Ze schatten de kunstobjecten op waarde en herkenden verschillende 20ste eeuwse kunstenaars waaronder Barnett Newman en Picasso, met zijn kubisme, erin terug. 
Onder de indruk verlieten zij het pand.
Ik betrapte me erop dat ik in gedachten alleen het stel uit The Killing voor me zag en me niet meer kon inbeelden hoe zij, die net de deur uit waren gelopen, eruit hadden gezien.
Still uit The Killing

maandag 25 maart 2019

Dure Maquettes

Vandaag ging Goossen de zolder van ons museum maar eens opruimen, want de afgelopen twee jaar was die dichtgeslibd met van alles en nog wat: gejutte materialen, opgeslagen werk waarvoor in de galerie geen plaats is, verf, meubels, fotoalbums, workshopspullen, kledinghangers en andere overbodigheden waarvoor we niet direct een bestemming hebben. Om ruimte te maken moesten dus alle zaken die we nooit meer konden gebruiken afgevoerd worden. We kwamen met onze speurtocht uit bij de maquettes van de overleden architect Jan Visser, die nog steeds achteraan in een donkere uithoek van de grote zolder, op de ooit intensief gebruikte tekentafel lagen. Hij heeft jarenlang zijn bureau in dit pand gehad. Met liefde en passie was aan de huisjes van karton gewerkt in tijden dat je niet snel met een gelikt computerprogrammaatje een fantastisch concept van een nog te maken gebouw uit de hoge hoed kon toveren. Wat moesten we ermee?
We besloten zijn vrouw Ada te mailen of zij de maquettes nog wilde hebben. Dat wilde zij.
Ze was zelf ook de zolder aan het opruimen en als ze door het luik zouden passen konden ze bij haar op de zolder verder hun lot afwachten. "Heel fijn dat jullie ze willen brengen", mailde ze. Om 16.00 uur was ze thuis. Dus toen het tegen vieren liep reed Goossen ons autootje bij de poortdeur en laadde de maquettes in. Heel voorzichtig, het was maar een paar straten verderop, reed hij met nog minder dan 30 km per uur zoekend naar haar huis, rondjes toen hij werd gestopt door een onherkenbare politieauto. Goossen had geen gordel om en dat ging hem 130,- euro kosten.
De politiebeambte was in het geheel niet voor rede vatbaar. Hij had zeker nog een paar cursusjes communiceren met de klant nodig. De beste vriend had al een tijdje achter Goossen aangereden en vond het tot zijn taak behoren dit appeltje maar eens te schillen. Goossen gaf hem zelfs nog een hand  bij het afscheid en vroeg hem naar zijn naam, maar de beambte gaf een viercijferig nummer, want een naam vond hij in dit geval niet nodig.
Gedesillusioneerd, gefrustreerd en met een zwaar klotegevoel stapte Goossen na het incident vervolgens bij Ada binnen en al snel waren ze druk doende de maquettes door het luik naar zolder te manoeuvreren. Eentje paste er niet door en die werd elders gestald. Na nog wat gezellig gebabbel ging Goossen naar huis. Over het net gebeurde vertelde hij haar niets.
Thuis hoestte hij het voorval op aan Maria. Die baalde ook stierlijk van de 130,- boete, maar nog meer was ze verbouwereerd over het feit dat Goossen niets tegen Ada had verteld.
Zijn verklaring was dat Ada zich dan misschien schuldig zou hebben gevoeld...





donderdag 14 maart 2019

Een schat voor Museum Galerie RAT

In Tropenmuseum Junior te Amsterdam heeft drie en een half jaar lang de succesvolle expositie 'Ziezo Marokko' gedraaid. De centrale ruimte van deze tentoonstelling, die 150.000 bezoekers trok, was ingericht met een prachtige mozaïekvloer, met mozaïekpanelen, een gipsen portaal waaruit een reliëf is gesneden en deuren met houtsnijwerk van geometrische patronen. Deze traditionele Marokkaanse inrichting werd gemaakt door een gespecialiseerd bedrijf uit Fes: de firma Moresque (zie www.moresque.com)
De expositie liep begin maart 2019 af, en Liesbet Ruben, die dit georganiseerd had, zocht een passende nieuwe bestemming voor de mooie mozaïekpanelen die zodanig waren aangebracht, dat ze in principe demontabel waren. Doordat ze al had samengewerkt met Goossen Karssenberg bij de productie van het boek dat bij de tentoonstelling hoort ('Mijn opa de trekvogel', zie www.tropenmuseum.nl/nl/mijn-opa-de-trekvogel), wist ze van zijn activiteiten op het gebied van geometrische patronen. Ook had ze Museum Galerie RAT al eens bezocht. Dit bracht haar op het idee om de panelen aan ons aan te bieden.
Een dergelijke kans lieten we niet voorbijgaan! Zo gezegd, zo gedaan: Het was nog een hele toer om de panelen los te krijgen, en het vervoer van de naar schatting 2500 kg aan panelen, losse reservesteentjes, deuren enzovoort vergde ook de nodige kracht. Gelukkig kregen we spontaan hulp uit verschillende hoeken: Oud-directeur van het Tropenmuseum Lejo Schenk (momenteel betrokken bij het Tegelmuseum te Otterlo) hielp drie dagen bij de demontage en het inladen in Amsterdam, Get Karssenberg hielp een dag demonteren, Ursula Wayop en Twan hielpen inladen in Amsterdam, en opTexel schoten Peter Wiersma, Geert en Mattias te hulp bij het uitladen.
De komende maanden gaat Goossen aan de slag om in RAT een mooie ruimte in te richten waar de schatten weer volledig tot hun recht komen. Ook zullen kinderen én volwassenen kunnen gaan puzzelen met de mozaïeken.
Amsterdam Tropenmuseum


De witte toog



Deze in ieder geval!
 Texel Museum Galerie RAT
In het schuurtje 

Buurman en buurman

Het moet maar even
Mandjes met verschillende mozaïeken,
die gebruikt gaan worden bij de puzzelwanden
Reserve mozaïekstukjes
Deuren
Het begin is er

dinsdag 5 maart 2019

De zinken goot

Wie wel eens naar de 'Rijdende Rechter' heeft gekeken weet dat sommige mensen jarenlang in onmin leven met elkaar, met alle spanningen en slapeloze nachten van dien.
Wij, als doorgewinterde pacifisten, kunnen ons vaak niet voorstellen dat mensen elkaar zo het leven  zuur maken. Daarbij komt dat het, in onze ogen, vaak gaat om onbenulligheden. Een paar blaadjes in de tuin van een boom of een dakgoot een paar centimeter over de erfgrens. Zo hebben wij ineens een boze meneer die de overhangende goot van ons tuinhuisje een doorn in het oog vindt.
Dit terwijl hij bij de bouw ervan nog amicaal verklaarde dat hij er niet mee zat en dat we in goed overleg, als hij ooit een hogere schuur ging plaatsen, de afwatering zouden regelen.
Nu we ons huisje gaan verkopen was daar opeens toch het probleem: "Ik wil er geen gezeik mee met de nieuwe bewoners!" Dat we in overleg met de nieuwe bewoners wel tot een oplossing zouden komen of dat we het op papier wilden zetten was tegen dovemansoren. Maar het is zijn goed recht om er geen gezeik mee te willen hebben. Maar nu hebben wij er wel gezeik mee! Verdrietig, omdat we dachten dat we een best aardig contact hadden. De dakgoot inkorten verdient niet de schoonheidsprijs en was nu en waarschijnlijk ook in de toekomst helemaal niet nodig geweest.
Het had een gevalletje 'Rijdende Rechter' kunnen worden, maar dat is het allemaal niet waard. Ons is vroeger geleerd dat je conflicten oplost met praten en als praten niet lukt is een gevecht geen optie. Dus hebben we Jan de timmerman gebeld, die het tuinhuisje destijds voor ons ook had neergezet. "Dan haal je de goot eraf en laat je het regenwater op de erfgrens vallen. Probleem opgelost", zei hij half lollig half serieus. Maar het risico op escalatie is dan nog steeds aanwezig dus we doen het netjes en dan moet het maar wat kosten. Geld voor vrede is een goede investering.
Vandaag is  het dak ingekort en de mooie zinken dakgoot op de erfgrens geplaatst.
Het zonnetje scheen. Amen.



zaterdag 2 maart 2019

Zomerdag in februari

De Hors
ode aan het niets
de leegte, nooit
niets aan je hoofd,
wat er toe doet
komt boven drijven.
Vrij
een heuvel
een indianendorpje
niemand thuis
iemand loopt weg
een druk op de resetknop









zondag 17 februari 2019

Aftakeling

Veel te warm gekleed lopen we vanmiddag weer eens door de Bollekamer. Dit keer slaan we direct rechtsaf en in een overmoedige bui steken we verderop ook de weg naar paal 12 over zodat we via het bos, al in de buurt van Ecomare het strand opgaan. Daar vinden we veel drijfhoutjes in allerlei vormen, maar niet allemaal geschikt. Sommige breken snel af wanneer je er iets in knijpt.
We gaan zitten in de luwte van een duin en kijken uit over zee. De zon maakt je loom.
De tocht door het mulle zand op zoek naar bruikbaar afval gaat ons niet in de koude kleren zitten. Mijn heupgewricht speelt wat op, dus maar niets forceren. Een paar jaar geleden konden we nog makkelijk uren achter elkaar lopen, maar na de lange winter moeten we kennelijk even wennen aan een volle dosis zon. Filosoferend over het ouder worden zien we visioenen over hoe we over twintig jaar met allerlei hulpmiddelen het strand op moeten om afval te zoeken; loep mee, wandelstok, zo'n knijper om niet te hoeven bukken en nog wat later een rolstoel op luchtbanden met aanhanger ... De dode vogels helpen ook niet mee je niet met verval bezig te houden. De steeds verder grijzende Paula heeft na het spelen met een jonge hond al haar kruid verschoten en is even niet meer vooruit te branden.
Afijn tot zover de beschouwing. Moe maar voldaan komen we weer bij het beginpunt waar inmiddels een luxe sjees naast ons aftakelende koekblik is geparkeerd. Grappig
Door de Bollekamer

De zee!








Effe zitten


Vijftig kleuren roestbruin





Er lag verbazingwekkend veel drijfhout en erg weinig plastic!